Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik

Overzicht van de geneesmiddelen, categorieën en adviezen

Let op: opent in een nieuw venster AfdrukkenE-mailadres

In de linkerkolom vindt u acht geneesmiddelgroepen, klik op een van deze groepen, u krijgt dan een opsomming van alle daarin opgenomen geneesmiddelen. Wanneer u op een geneesmiddel klikt krijgt u het bijbehorende advies voor verkeersdeelname. U kunt ook rechstreeks naar een geneesmiddel zoeken. Geef minimaal de eerste drie letters van een geneesmiddel op in het zoekvenster en druk op Enter.

De adviezen zijn een verkorte versie van de Contra-indicatie Verkeersdeelname van KNMP/WINAp, bedoeld voor artsen en apothekers. Wanneer u niet tot deze doelgroep behoort verzoeken wij u voor meer informatie contact op te nemen met een apotheker in uw omgeving.

Drie categorieën

De rijgevaarlijke geneesmiddelen zijn ingedeeld in drie categorieën op basis van het (acute) effect bij het starten van een geneesmiddel. Dit effect wordt bepaald in een standaardrijtest, waarin wordt gemeten wat het slingergedrag is van een automobilist na inname van het geneesmiddel. Hierbij is uitgegaan van een normale, therapeutische dosering voor volwassenen bij de hoofdindicatie.

Categorie I

Weinig negatieve invloed op de rijvaardigheid. Dit is vergelijkbaar met een bloedalcoholconcentratie van <0,5 g/l (<0,5‰).

Categorie II

Licht tot matig negatieve invloed op de rijvaardigheid. Dit is vergelijkbaar met een bloedalcoholconcentratie van 0,5 tot 0,8 g/l (0,5–0,8‰).

Categorie III

Ernstige of potentieel gevaarlijke invloed op de rijvaardigheid. Dit is vergelijkbaar met een bloedalcoholconcentratie van >0,8 g/l (>0,8‰).

Ter vergelijking: de limiet voor deelname aan het verkeer is voor alcohol
0,5‰ (0,2‰ voor de beginnende bestuurder).

Algemene adviezen bij de categorieën

Kies als dit mogelijk is een geneesmiddel uit categorie I of een geneesmiddel dat niet van invloed is op het reactievermogen. Dit geldt zeker wanneer de patiënt regelmatig zijn auto, motor of brommer gebruikt.

Categorie I

Geneesmiddelen uit categorie I hebben weinig invloed op de rijvaardigheid. Vertel de patiënt dat de eerste dagen bijwerkingen met een negatieve invloed op de rijvaardigheid mogelijk zijn. Adviseer de patiënt om in dat geval geen auto te besturen zolang deze bijwerkingen optreden.

Categorie II

Geneesmiddelen uit categorie II hebben een licht tot matig negatieve invloed op de rijvaardigheid. Informeer de patiënt over de mogelijke bijwerkingen met een negatieve invloed op de rijvaardigheid. Ontraad de patiënt de eerste paar dagen van de behandeling te gaan autorijden. Schrijf indien mogelijk een rijveiliger alternatief voor.

Categorie III

Geneesmiddelen uit categorie III hebben een ernstige of potentieel gevaarlijke invloed op de rijvaardigheid. Informeer de patiënt over de mogelijke bijwerkingen met een negatieve invloed op de rijvaardigheid. Ontraad de patiënt nadrukkelijk om auto te rijden. Overweeg bij een geneesmiddel uit categorie III bij voorkeur een rijveiliger alternatief voor te schrijven.

Adviezen per geneesmiddel

De beroepsorganisatie van apothekers KNMP heeft de nieuwe Contra-indicatie Verkeersdeelname ontwikkeld. Deze bevat adviesteksten voor geneesmiddelen die de rijvaardigheid kunnen beïnvloeden, gericht op artsen en apothekers(-assistenten). De adviezen zijn voor zover mogelijk afgestemd op een specifiek geneesmiddel anders op een geneesmiddelgroep. Zo wordt bijvoorbeeld aangegeven tot en met welke dosering een geneesmiddel al dan niet rijveilig is, wordt bij bepaalde geneesmiddelen uit categorie III alleen de eerste week ontraden om auto te rijden of wordt aangegeven hoeveel tijd na het moment van inname het geneesmiddel weer 'rijveilig' is.