Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst
Conform de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO) hebben artsen en apothekers de plicht om de patiënt in te lichten over mogelijke bijwerkingen van de voorgeschreven geneesmiddelen en over mogelijke alternatieven. Het niet geven van deze informatie betekent dat huisarts en apotheker in gebreke blijven. Wanneer de patiënt deze informatie heeft ontvangen, is deze zelf verantwoordelijk voor de beslissing al dan niet brommer, motor of auto te rijden. De huisarts of apotheker is dus niet aansprakelijk voor de beslissing die een patiënt neemt op basis van de gegeven adviezen.
Burgerlijk wetboek, Boek 7, Titel 7, Afdeling 5, Artikel 448
- De hulpverlener licht de patiënt op duidelijke wijze, en desgevraagd schriftelijk in over het voorgenomen onderzoek en de voorgestelde behandeling en over de ontwikkelingen omtrent het onderzoek, de behandeling en de gezondheidstoestand van de patiënt. De hulpverlener licht een patiënt die de leeftijd van twaalf jaren nog niet heeft bereikt op zodanige wijze in als past bij zijn bevattingsvermogen.
- Bij het uitvoeren van de in lid 1 neergelegde verplichting laat de hulpverlener zich leiden door hetgeen de patiënt redelijkerwijze dient te weten ten aanzien van:
a. de aard en het doel van het onderzoek of de behandeling die hij noodzakelijk acht en van de uit te voeren verrichtingen
b. de te verwachten gevolgen en risico's daarvan voor de gezondheid van de patiënt
c. andere methoden van onderzoek of behandeling die in aanmerking komen
d. de staat van en de vooruitzichten met betrekking tot diens gezondheid voor wat betreft het terrein van het onderzoek of de behandeling
Te raadplegen via wetten.overheid.nl





